Onderzoek naar het letselprofiel van Nederlandse 9 x 19 mm politiemunitie.
De Nederlandse politie is bevoegd om vuurwapens te gebruiken ter aanhouding van (gevaarlijke) verdachten van ernstige geweldmisdrijven, ter afwending van gevaar en uit noodweer. De uitwerking van dat vuurwapengebruik op personen moet doeltreffend zijn, maar ook zorgvuldig. Door middel van het afvuren van een of meer patronen wil de politieambtenaar het doel van het optreden, namelijk een verdachte aanhouden en/of doen ophouden met handelen behalen. Maar het veroorzaakte letsel om dat doel te bereiken moet niet meer en ernstiger zijn dan nodig is.
De afgelopen 50 jaar hebben overheid en politie steeds gezocht naar een politiepatroon die die balans het beste benadert. De minister van Justitie & Veiligheid (J&V) wijst het politiepistool en de daarin te gebruiken patroon aan. Ten behoeve van de vervanging van het huidige politiepistool Walther P99 Q NL in 2030 wil het ministerie van J&V eerst een nieuw patroon kiezen, mede op basis van een wetenschappelijk evaluatieonderzoek naar de uitwerking van de bestaande politiepatroon en de voorganger. Bureau Beke voert dit onderzoek in samenwerking met Jaap Timmer uit.
Voor deze evaluatie voeren we een juridisch-normatieve analyse uit, doen we dossieronderzoek op dossiers van de Rijksrecherche over relevante politieschietincidenten, vindt er een forensisch-medische letselanalyse plaats en houden we groepsinterviews met experts.
Opdrachtgever
WODC
Projectteam
Henk Ferwerda (Bureau Beke), Jaap Timmer, Joey Wolsink (Bureau Beke), Julia Janssen (Bureau Beke) en Karen van den Hondel (GGD Amsterdam).
